Welkom > Kat > De oudere kat > Nierfalen

Nierfalen

Algemene informatie

De nieren hebben een aantal belangrijke functies.

Een daarvan is het filteren en afvoeren van de afvalstoffen die in het lichaam ontstaan bij de stofwisseling.
Ook spelen de nieren een grote rol bij de waterhuishouding van het lichaam.
Zij regelen de hoeveelheid bloed, houden de bloeddruk op peil, regelen hoeveel vocht er dagelijks, in de vorm van urine, het lichaam verlaat en hoeveel vocht er heropgenomen wordt in het lichaam.
Daarnaast produceren ze een aantal hormonen en reguleren de nieren samen met de mineralen calcium en fosfor en vitamine D de botopbouw en Ėafbraak.

Chronisch nierfalen

Chronische nieraandoeningen komen heel veel voor.
De statistieken tonen aan dat van de oudere katten tussen de 10 en 15 jaar 30% aan chronisch nierfalen lijdt.

Chronisch wil zeggen dat de aandoening langdurig aanwezig is.

Hoewel ook jonge dieren last kunnen hebben van hun nieren, spelen deze problemen vooral bij oudere dieren.

Als het nierweefsel is aangetast valt een deel van de filterfunctie van de nieren uit.
De overgebleven nierfilters gaan extra hard werken om de taken over te nemen.
Dat lukt in eerste instantie meestal goed.

Pas als er te weinig gezond weefsel over is om de taken goed te vervullen, kunnen de nieren het niet meer aan en kan uw dier verschijnselen gaan vertonen.
Dit gebeurt pas als al 2/3 van de nierfunctie onherstelbaar verloren is!

Met andere woorden: zodra problemen op gaan vallen is er al ontzettend veel nierweefsel definitief kapot.
Een belangrijke reden om ouder wordende dieren er regelmatig op te screenen. Dat kan simpel en goedkoop via een paar druppels bloed.

Klachten bij chronisch nierfalen.

Wanneer de nieren de afvalstoffen niet meer goed uit het bloed kunnen filteren, hopen deze stoffen zich in het bloed op.
Uw dier kan daardoor verschillende klachten krijgen, zoals slechte eetlust, gewichtsverlies, veel dorst en braken.
Ook kunnen de nieren de urine niet meer goed concentreren, wat kan leiden tot uitdroging, veel plassen en daardoor meer drinken (ook ís nachts).

Voorkůmen van chronisch nierfalen.

Als uw dier bovenstaande klachten vertoont is het zaak snel langs te komen.
Maar omdat in dat stadium al veel onomkeerbare nierschade aangericht is, is het nog veel meer van belang om te proberen te voorkomen dat deze schade optreedt.
Laat daarom bij uw oudere kat (vanaf een leeftijd van 8-10 jaar) regelmatig een beetje bloed afnemen. Wij kunnen dan simpel (via meting van de hoeveelheid ureum en kreatinine) testen hoe de nierfunctie is.

Behandeling van chronisch nierfalen.

Het belang van preventie is des te belangrijker omdat een echte behandeling niet mogelijk is.
Genezing is niet mogelijk: nierweefsel dat weg is, blijft ook weg.
We kunnen wel proberen om het nog goed functionerende nierweefsel efficiŽnter te laten werken, zo de klachten te verminderen en de voortgang van de ziekte te vertragen.
Met de juiste medicijnen en een aangepast dieet kan -als daar in een vroeg stadium mee begonnen wordt- uw kat een normaal leven leiden.

Nierdieet.

NierdiŽten zijn medicinale diŽten, die alleen via dierenartsen verkocht mogen worden. DiŽten die in dierenwinkels worden aangeboden met het opschrift ďhelpt nierslijtage voorkomenĒ of kreten van soortgelijke strekking, zijn op zich prima voeding, maar niet voor dieren met chronisch nierfalen! Dan schieten ze te kort.

Nierdieet bevat minder eiwit, minder fosfor, meer energie en B-vitamines, is licht verteerbaar en smakelijk.

Laat u niet in de war brengen door het eiwitpercentage van gewone blikvoeding en een nierdieet te vergelijken.
Meestal verschilt dat niet zo veel, waardoor ten onrechte gedacht wordt dat het eiwitgehalte in beide voedingen min of meer gelijk is.
Doordat de dieetvoeding 2 tot 3 x zoveel energie bevat hoeft de kat er veel minder van te eten en krijgt zo dus veel minder eiwit binnen.

Bovendien wordt in het nierdieet gebruik gemaakt van zeer hoogwaardige eiwitten (met veel zogenaamde ďessentiŽle aminozurenĒ) omdat een dier nu eenmaal een bepaalde hoeveelheid eiwitten nodig heeft voor celvernieuwing en het onderhouden van bepaalde lichaamsfuncties.
Dus minder eiwitten, maar wel betere.

De extra energie in het dieet is van belang om bij slechtere eetlust toch op gewicht te blijven, al was het alleen al dat gewichtsverlies nog weer een extra belasting voor de nieren kan zijn.

De extra B-vitamines zijn er voor om te zorgen dat bij verlies via de grotere hoeveelheid urine er toch geen tekorten optreden.

Katten zijn van nature eigenwijs. Gelukkig zijn er diverse soorten en smaken nierdieet, die alle even goed zijn.
Onze assistentes zullen u adviseren en waar mogelijk proefzakjes meegeven.

Het is vrijwel nooit een probleem om over te stappen op nierdieet.
Wilt u graag tussendoortjes geven, geef dan liefst eiwitarme snacks.
Ook katten blijken regelmatig een stukje appel, wortel of komkommer te kunnen waarderen.
Geef geen vlees ( of hart), of vleeswaren! Deze bestaan bijna volledig uit eiwit.
Uw kat zal door de toename van het gif dat zo ontstaat wellicht zelfs misselijk worden.

Geef liefst vaker, kleine hoeveelheden: indien mogelijk 2 tot 4 porties per dag.
Verwarm blikvoeding eventueel voorzichtig tot lichaamstemperatuur (38-39 graden), zeker niet hoger. Zo komt de vleesgeur beter vrij.
Voeg voor de smaak eventueel wat vlees- of visnat toe.

Zorg dat er altijd schoon, vers drinkwater klaarstaat.

Soms helpt het uw dier tijdelijk met de hand te voeren.


Er zijn ook medicijn dat -in sommige gevallen- gegeven kunnen worden bij een chronisch nierprobleem.

Zo zijn er middelen die  ervoor zorgen dat onder andere dat de bloeddruk bij de nieren minder hoog is en de nieren zo als het ware rustiger de tijd voor hun filterfunctie kunnen nemen.

Het kan met of zonder eten gegeven worden. Voor katten die slecht pillen slikken zijn er soms varianten die ze erg lekker vinden en probleemloos gegeven kunnen worden.

Het is van belang dat het medicijn de rest van het leven gegeven wordt.

Mijn kat weigert elke vorm van nierdieet, wat nu?

Ipakitine

Zoals hierboven al genoemd is het bij katten met nierfalen belangrijk niet te veel fosfaat  op te nemen in het lichaam. Ze kunnen dit met hun nierprobleem slechter weer uitscheiden, waardoor er sneller sprake is ven te veel fosfaten in het bloed (hyperfosfatemie), hetgeen via kettingreacties gevolgen kan hebben voor de werking van de bijschildklier, te veel calcium in de niercellen en verder verlies van functioneel nierweefsel.
Ipakitine is een poeder dat katten doorgaans lekker vinden. Het bindt oa. fosfaten in de voeding, waardoor het niet door de nieren opgenomen wordt.
Als uw kat nierdieet goed eet, is het meestal niet nodig een dergelijk middel te geven.
Lukt het echter niet om uw kat (alleen) nierdieet te voeren, dan is dit zeker een aanrader.
Ook als uw kat werkelijk alle nierdieet weigert en alleen z'n gewone voer wil, kunnen we zo toch wat voor hem doen.

Maar we willen benadrukken dat u niet te snel opgeeft uw kat nierdieet te voeren. Het lukt vrijwel altijd en is beter dan de hulp van een dergelijk voedingssupplement.

Nierprobleem is iets anders als blaasprobleem

In de spreekkamer merken we vaak een hardnekkig misverstand: veel mensen halen nier- en blaasproblemen bij katten door elkaar.
Katers hebben vaak problemen met de lagere urinewegen zoals de blaas en de plasbuis. Ze doen dan vaak kleine plasjes en hebben daar kramp bij. Ook kunnen er piepkleine steentjes (eigenlijk: gruis) vastlopen in de plasbuis en kunnen ze helemaal niet meer plassen. Mensen noemen dit soms nierstenen, maar dat is dus niet zo. Als uw kat een blaasdieet krijgt is dit iets anders als een nierdieet.